Leestijd 4 minuten

De Gevangenisjaren is een autobiografische roman van Erdal Balci, maar voor mij vooral ook een monument in woorden voor Ali en voor Özgül, voor Meryem, voor Ömer en Teoman en Kalim. Al hun levensverhalen zijn verweven door dat van hoofdpersoon Erdal en maken dat ik ze na dagen nog niet kan loslaten. Het is een roman over dromen van liefde en vrijheid, met lucht en humor, en tegelijk een pijnlijk, te lang verborgen deel van de recente Nederlandse geschiedenis. En denk ik tot onze schaamte, ook van ons heden.

Het verhaal begint in een stadje in het armste deel van Turkije, waar in de winter de sneeuw metersdik om de huizen ligt. Bij de bergen van de Kaukasus groeit een nieuwsgierige jongen op die in de zomer een eigen kalfje hoedt en die hongert naar leren, naar boeken. En er is een tragedie, met een blijvend litteken in een nog jonge Erdal.

Dan is er een verhuizing naar Nederland waar welvaart is, waar al die vrijheid om te leren is en om te groeien en te dromen. In een sprookje (of in een eerlijk Nederland) zou het nu bergopwaarts gaan voor de jongen. Maar zo mooi gaat het helaas allemaal niet in de werkelijkheid die ons land was – en is.

Want midden in al die vrijheid rijzen muren op, om de net gearriveerde migranten heen. Daarbinnen bepaalt ineens een nieuwe orthodoxie de regels, gestut met familie-eer en traditie. Met alomtegenwoordige ogen, met opgelegde man/vrouw-verschillen die beiden beschadigen, en vriendschappen waarin te veel ongezegd moet blijven.

Eromheen ligt het zompige cultuurrelativisme van de Nederlandse beleidsmakers, de opiniërende klasse en denkluie progressieve mensen. Je weet echt niet of je moet lachen of huilen om al die verhalen, zoals die over het welwillend progressief gesubsidieerde volksdansen. Daaraan mogen Turkse meisjes al niet deelnemen van hun families. Geen reden om het meteen stop te zetten: welnee, men werft gewoon tolerante, autochtone meisjes om mee te komen dansen. Die vervolgens een jongen per omgaand afwijzen zodra hij een stap buiten hun sjabloon van Ramadanvastende ideaalallochtoon zet. Kun je hier nog om lachen (of niet); dat in deze roman die fricties terugkeren in alle lagen van Nederlands beleid, onderwijs en werkvloeren laat je die vrolijkheid wel vergaan.

“De Turken waren de cipiers, het Nederlandse cultuurrelativisme de muren en het prikkeldraad,” schrijft Balci. Met en zonder zijn vrienden zoekt een opgroeiende Erdal naar plezier, ideeën en dromen en vooral naar ontsnapping. De vrijheid van Nederland kan hij altijd ruiken, maar ze wordt hem nooit echt gegund. Erdal, Ömer, Teoman, Meryem, Kalim, en zelfs de draaideurcrimineel/-gelovige broeder Hasan worstelen allemaal op hun manier om een eigen leven te kunnen leiden. Maar het is te vaak tegen de verdrukking in.

Hoofdpersoon Erdal neemt zichzelf net zo scherp onder de loep als hij zijn omgeving doet. Het is beklemmend om met hem in te voelen hoe morele corruptie, door orthodoxie midden in een zalvend-onverschillig Nederland, je eigen ziel kan bedreigen. Ook als je oprecht zoekt naar liefde en schoonheid, ook als je vecht voor je eigen vrijheid. Dat je niet alleen zelf lijdt onder beklemming, maar dat je soms, expres of per ongeluk, ook de druk op anderen aanschroeft.

Ik kan me geen eerder boek herinneren waarin een schrijver dat zo bloot heeft durven leggen. En wat zegt dat over de samenleving daaromheen die wij met zijn allen hebben laten gebeuren? Nederland als geheel heeft, ondanks wie zich verzetten, in dat merkwaardige verbond van islamitische orthodoxie, over all gemakzucht en autochtoon zelfbeeld van laten zien hoe goed wij waren na de oorlog, hele generaties in de steek gelaten.

Erdal vecht, verliest, vecht voor een weg uit deze parallelle – maar elkaar als scheefgezakte huisjes stuttende – werelden van beperkende denkbeelden. Door veel vrijere, moediger politieke ideeën en filosofieën te zoeken, te vinden, na te streven. Door de blik verder te leggen dan Nederland, want “ik wilde niet meer leven in een land dat deze strijd was vergeten.”

Het is volgens mij nu eindelijk, eindelijk eens de allerhoogste tijd dat wij dat allemaal niet meer willen. Lees alsjeblieft deze roman, een donkere ode aan zo hard gezochte en geliefde vrijheid en een aanklacht tegen onderdrukking en lafheid. En waar ik zeg alsjeblieft, bedoel ik eigenlijk ook dat ik elke beleidsmaker van destijds er wel mee om de oren zou willen slaan. Hard.

We moeten nu samen opstaan, progressief en liberaal Nederland, consequenter en eerlijker dan hiervoor. Tegen extreemrechts en tegen orthodox-religieus-rechts en tegen die laffe luie schaamlap van cultuurrelativisme. Het is al veel te laat, maar het kan alle drie en dat moet alle drie. Nu. Voor Kamil en Meryem.

Erdal Balci - De Gevangenisjaren

Erdal Balci: De Gevangenisjaren
De Geus, 288 pagina’s
€ 20,-

Vrij Links lijn

Vrij Links is een meerstemmig platform. Tenzij anders vermeld, spreken auteurs op persoonlijke titel.